dinsdag 29 juni 2010

BORDEEL

In een van de 'Broodjes' van Bart Chabot zegt Herman Brood dat het allerbeste moment om naar een bordeel te gaan is, wanneer Nederland een WK-wedstrijd speelt. Dan zijn de allerbeste en mooiste prostituees allemaal beschikbaar. Gezien Broods reputatie als bordeelganger klopt dit verhaal ongetwijfeld.

Met dat verhaal in het achterhoofd fiets ik langs het Zandpad tijdens de eerste helft van Nederland-Kameroen. Ten overvloede: ik doe dit niet met het doel Broods verhaal te verifiëren, maar omdat ik naar de stad moet en dit de snelste route is.
Het Zandpad is Utrechts hoerenstrip aan de Vecht. De dames staan er als het een beetje weer is uitdagend op de treeplanken van de woonbootjes. Vooral 's avonds heeft het iets hypnotiserends. Al die vrouwen, opgediend met weinig tot de verbeelding overlatende niemendalletjes aan en spannend uitgelicht in rood en paars. Auto's rijden de strip langs en keren aan het eind om voor het volgende rondje. Tot ze iets van hun gading hebben gevonden of het zat zijn.

Nu Nederland aan het voetballen is, is er op het Zandpad beduidend minder activiteit dan anders. Er is geen doorlopende file van een kilometer heen en een kilometer terug. Wat zal het zijn? De helft van het normale aantal auto's? Of toch meer? Het is moeilijk te schatten. Het is in ieder geval nog best gezellig druk. Misschien zijn bordeelbezoekers grotere voetbalfans dan de mannen die van de diensten hier gebruik maken. Misschien nog belangrijker: zo'n voetbalwedstrijd verschaft je natuurlijk het ultieme alibi.

Ik kan me wel voorstellen hoe dat gaat. Man vertelt vrouw dat hij voetbal gaat kijken in café X of bij vriend Y, om vervolgens in de eerste helft snel naar het Zandpad te gaan. Na gedane zaken gaat hij snel naar de kroeg om de tweede helft kijken. Het is essentieel dat hij ook de tussendoorbeschouwing ziet. Hij giet er om geen argwaan te wekken een paar biertjes in, gaat vrij snel na afloop van de wedstrijd naar huis, kust zijn vrouw, doet zijn pantoffels aan, vraagt om een biertje en begint - waar zijn vrouw al de hele avond huizenhoog tegenop ziet - aan de echtelijke nabeschouwing. Weer een huwelijk gered.

vrijdag 11 juni 2010

VOLKERT VD G BLIKT TERUG OP DE VERKIEZINGEN

Ik zit nu als sinds mei 2002 achter slot en grendel. Leuk is anders, maar er zijn momenten in je leven dat een man moet doen wat hij moet doen. En dan moet je de consequenties aanvaarden en gewoon je tijd doen.

Ik heb me hier nog weinig verveeld. De gevangenisbibliotheek stelt niet veel voor, dus daar moet je het niet van hebben. Sterker nog: ik heb een rechtszaak aangespannen tegen het niveau en de omvang van de collectie. Dat zijn dingen waar je de dag prima mee doorkomt. Ook die psychologe die in de krant schreef dat ik Asperger heb, heb ik wel een toontje lager laten zingen. Prachtige rechtszaak!

Ik heb nog even overwogen om een zaak aan te spannen tegen de schrijver van Schieten op Volkert van der G., omdat ze daarin zeggen dat ik echt heel beroerd voetbal. Maar dat had geen stand gehouden voor de rechter. Ik voetbal namelijk echt best slecht. In mijn WK-gevangenispoule laat ik trouwens Noord-Korea winnen.

Spijt van mijn daad heb ik nooit gehad. Fortuyn wás een gevaar voor de samenleving doordat hij moedwillig polariseerde. Hij móest gestopt worden. Ik heb geen moment getwijfeld dat ik het goede deed. Althans, tot voor kort.

Woensdag heb ik de hele avond naar de uitslagen van de verkiezingen gekeken. Het was schokkend. Alles waar ik nu voor in de bak zit, alles waar ik het Nederlandse volk voor heb behoed, komt nu als een boomerang terug in de persoon van Wilders. Fortuyn een polarisator? Dat was kinderspel vergeleken bij Wilders! Ik heb de weken voor de verkiezingen veel wakker gelegen. De peilingen waren al tijden onheilspellend. De vraag die me wakker hield: Heb ik te vroeg gepiekt? Of was Wilders er nooit geweest als ik Fortuyn niet had vermoord?

Het ergste is nog wel dat mijn aangevraagde proefverlof, het weekend voor de verkiezingen, niet is gehonoreerd. Het was een hel van een baan geweest, maar linksom of rechtsom, ik had die Wilders voor zijn sodemieter geschoten! Dat wordt helaas een paar jaar stevig doorbijten voor het Nederlandse volk. Maar 6 mei 2014 kom ik vrij!

zondag 6 juni 2010

VluchtelingenWerk vijfde op Charity Cup

Het Team VluchtelingenWerk (TV) is bij de Charity Cup op een niet onverdienstelijke gedeelde vijfde plaats geëindigd. Het team bestond uit VluchtelingenWerkers Metin, Leo en Martijn, ex Arjen, ons bekende schoonmaakopperhoofd Achmed en twee huurlingen, Gauke en Jerry. Zeven man: weinig ruimte voor wissels dus. Het zou een uitputtingsslag worden.

Op de kunstgrasvelden van AVV Slotervaart werd even na tienen de eerste wedstrijd gespeeld tegen SOMO, blijkbaar ook een ideële organisatie, alhoewel schrijver dezes andere associaties heeft bij die naam. Alsof TV al jaren samenspeelde wisten de spelers elkaar te vinden. Dit knappe positiespel leverde de nodige kansen op. De wedstrijd werd dan ook makkelijk gewonnen. Dat gaf hoop!

Zwijnerij en Angstgegner
TV vond in de tweede wedstrijd in Oxfam Novib een geduchte tegenstander. TV zwijnde tegen de uiteindelijke finalist naar een 3-3 gelijkspel. In de daaropvolgende wedstrijd stond Angstgegner Greenpeace op het programma. De grootste houthakkers waren gelukkig thuis gelaten, dus stapte TV zonder punten maar met alle ledematen intact van het veld.

Kwartfinale bereikt!
De laatste poulewedstrijd was tegen Lokamondial. TV begon duidelijk last te krijgen van wat kleine pijntjes en vermoeidheid. Toch werd de wedstrijd gewonnen (althans, wat was de uitslag ook weer?), waarmee TV zich plaatste voor de kwartfinale. Van de tribunes klonken oerend hard de vuvuzuela's, bespeeld door de massaal aanwezige fans vanuit het Landelijk Bureau.

Toch inkakken...
De kwartfinale tegen Fairfood begon goed. Binnen de minuut stond TV voor met 2-0. Een gevaarlijke stand, zo vroeg in de wedstrijd. TV had moeite de scherpte er in te houden. Dat viel ook Jerry op, die over het veld riep dat we niet moesten inkakken. Het is nog steeds onduidelijk of deze boodschap verkeerd is begrepen ('Nu inkakken!'), maar TV was vanaf dat moment niet meer vooruit te branden, en ook niet achteruit, wat niet hielp in de verdediging. Jerry had bovendien last van wat voetballers noemen het 'slowmotion-syndroom'. TV werd genadeloos afgestraft, de ene na de andere bal ging onder, naast of door keeper Martijn heen. Eindstand: 5-2. Gauke na afloop: 'Het veld werd te groot doordat we de ruimte niet benutten. Er werd slecht gelopen. Dan maak je het jezelf wel heel moeilijk.' Een analyse waar geen speld tussen te krijgen is. Metin had duidelijk moeite met de volgens hem toch onnodige nederlaag.

Weer die Artsen!
Er restte niets dan vanaf de hoofdtribune in de schaduw te kijken naar halve en hele finales en het verdriet van de uitschakeling te lijf te gaan met troostvoer en troostdrinken. Arjen mocht met de sokken op half zeven en een biertje in de hand de kwartfinale fluiten. Waar voor TV toch een stukje waardering en vertrouwen uit sprak.

In de finale speelden Oxfam Novib en Artsen zonder Grenzen een zinderende pot voetbal. Alsof de bloedhitte op hen geen enkele invloed had werd er frivool over het veld gedraafd. De oude vossen van AZG speelden weer hun uiterst bekeken spelletje. Verdiend of niet, de Artsen wonnen weer. Voor de vijfde keer sleepten ze de hoofdprijs in de wacht.

Volgend jaar is Oxfam de organisator. Ook VluchtelingenWerk is dan weer graag van de partij. Hopelijk me een nog uitgebreider team dan dit jaar. Want met een groter team en meer gelegenheid om te wisselen was het vrijwel zeker geweest dat TV eenvoudig de weg naar de finale had gevonden. De thuisblijvers worden dan ook bedankt.

donderdag 3 juni 2010

SLAK

Ik weet niet of elke volkstuinier er zo veel last van heeft als ik, maar de strijd tegen ongedierte, en in het bijzonder de slak, is inmiddels een dagtaak geworden. Af en toe wérk ik in de tuin, meestal ben ik alleen maar op slakkenjacht. Inmiddels zijn duizenden slakken op meer en minder gruwelijke wijze om het leven gebracht, maar echt helpen doet het nog niet.

De eerste kennismaking met deze slijmerige beesten was toen ik zag dat de viooltjes maanden terug wel erg aangevreten waren. Dat was het startsein voor de Slag om Violenveld. Alle slakken had ik zorgvuldig verwijderd. Met de blote hand, want met handschoenen aan krijg je ze niet te pakken. Je moet dan bij thuiskomst wel even goed schrobben, want die afscheiding is extreem plakkerig.

De strijd was echter nog lang niet beslist. Nieuwe colonnes slakken trokken op richting violenveld. Je kon elke dag wel een beker vol slakken tussen de violen vandaan peuteren. Dus heb ik een bierval gemaakt, een ingegraven plastic bekertje met bier er in. Want dat is een van de weinige prijzenswaardige eigenschappen van de slak: zijn voorliefde voor bier. Ik heb inmiddels heel wat ervaring met biervallen. Soms lijkt het wel een processie, zoals deze buikpotigen zich allemaal naar het bier glijden en dan kopje onder gaan en een prachtige benevelde verdrinkingsdood sterven.

De slakken hebben daarna al mijn prachtige tulpen opgegeten, de sla aangevreten en de raapstelen. Zelfs de vetplantjes van de rotstuin moeten het ontgelden. Maar het ergste was toch wel dat de met zorg in de kas opgekweekte courgetteplantjes na een dag in de volle grond volledig waren opgevreten.

Dat zou niet nog een keer gebeuren: de plantjes die nu in de volle grond zijn gezet, heb ik omzoomd met een slakkenfortificatie van kattengrind en cacaobonendoppen. Internet vertelde mij dat slakken er niet van houden daar overheen te glijen. De avond na de aanleg van deze verdedigingswerken ging ik toch niet geheel gerust naar de tuin. De ongerustheid was terecht: drie van de vijf plantjes vertoonden tekenen van aanvreterij.

Daarom heb ik die avond rond de al bestaande fortificaties nog een extra stelling aangebracht van knoflooktenen, waar gastropoda een broertje dood aan schijnen te hebben. Ook heb ik het aantal biervallen uitgebreid tot acht. En last but not least: ik heb voederplaatsen ingericht rond de plantjes, zodat de slakken zich naar hartenlust kunnen volproppen met sla en raapsteel. Die krijg ik toch van mijn levensdagen niet op, dus er kan best een kropje of bosje af. De slakken zullen dan echt niet meer de moeite nemen om de fortificaties te trotseren en aan een schamel courgetteplantje te knabbelen.

Deze aanpak lijkt te werken. Bij de laatste check waren er nauwelijks nieuwe sporen van vraat. Mocht dit toch niet werken dan zie ik mij genoodzaakt aaltjes in te zetten in de strijd. Aaltjes hebben de hebbelijke gewoonte slakken langzaam maar zeker van binnenuit op te vreten.

Inmiddels krijgen mensen in mijn nabije omgeving het idee dat ik dwangneurotisch gedrag verton en een obsessief-compulsieve storing ontwikkel. Terecht? Ik denk het niet. Bovendien: die slakken zijn zelf begonnen!

dinsdag 18 mei 2010

EXAMEN

De eindexamens zijn weer begonnen. Dat betekent dikke stress voor heel veel kinderen, en dagelijks bekende Nederlanders die in de krant terugblikken op hún eindexamen. O ja, en dagelijks staan alle klachten in de krant over alle mogelijke examens. Mede mogelijk gemaakt door LAKS.

Dat laatste verbaast me eigenlijk nog het meest. Ik weet niet of we in mijn tijd zo bleu waren, zo weinig kritisch, of dat ik zelf gewoon niet zo goed heb opgelet, maar al die klachten over heien naast een examenlokaal, onbegrijpelijke opgaven, surveillantes die met hun naaldhakken op het parket trippelen en meer van die dingen... ik was geloof ik vrij Zen indertijd. Als ik het idee had dat het niet helemaal goed was gegaan dan vond ik dat vooral mijn eigen schuld. Maar ja, ik heb het nu inderdaad over de tijd van 'eigen schuld eerst'.

Ik vond mijn eindexamenjaar zo'n beetje het tofste jaar uit mijn schooltijd. Veel muziek maken, veel volleyballen, heel veel en lang hardlopen om me het idee te geven dat ik toch wat gedaan op dagen dat ik me er niet toe kon zetten me voor te bereiden op de examens, elke ochtend krantenwijk fietsen voor de broodnodige pecunia, veel concertjes langs en veel uitgaan, tsja... Laat ik zeggen dat het me verbaasde dat een klasgenoot op aanraden van zijn ouders was gestopt met korfbal - hij speelde op hoog niveau - om extra veel tijd te kunnen steken in het leren.

Bij het eerste schoolonderzoek was ik zo verstandig geweest om met een vriend vooraf een jointje te roken. Dat leek ons wel een goed idee, want poëzieanalyse - dat vak bestaat vast niet meer - is een stuk makkelijker wanneer je als het ware helemaal een bent met het gedicht. En dat waren we. Ik kreeg godbetert een lichte onvoldoende voor mijn interpretatie van een werkelijk nogal vaag gedicht. Ik houd het tot op de dag van vandaag vol: mijn interpretatie was beter dan die door de hele sectie Nederlands was bedacht, zelfs al was ze in overleg met de dichter zelve tot stand gekomen! Ik zou dit graag nog eens verifiëren. Ik zou graag nog eens zien wat ik heb opgeschreven over het gedicht, en ik zou het gedicht ook graag nog eens lezen. Helaas is dat niet mogelijk.

Ook Duits was niet echt top gegaan. Tijdens het mondeling moest ik in het Duits gaan vertellen wat er in vijftien stuks literatuur zoal aan verhalen stond. Helaas had ik van die lijst twee boeken in gelezen: twee in het Duits gelezen en twee in het Nederlands, en ik had nog twee samenvattingen of zo. In de zogenaamde examenwachtkamer vertelde een mede-leerling me nog even snel wat er in een niet gelezen boek gebeurde. Vooral de diverse relaties en de ontwikkelingen daarin werden me nog even uit de doeken gedaan. Helaas was dit een grap en gingen de eerste vragen van het mondeling over dat boek. Toen ik er na wat Duits gestamel achter kwam dat mijn maat me had genaaid door zijn foutieve informatie kon ik daar de humor wel van inzien, hoe slecht dit ook was voor mijn cijfer. Feitelijk ben ik gered door een hommel die door het open raam naar binnen vloog. Ik deed alsof ik aan totale paniek ten onder ging en docent Zandbergen ging er met zijn liniaal achteraan. Gelukkig was het een taaie hommel en gingen er dankzij hem zeker twee a drie minuten gezwets over boeken in rook op. ik kreeg om de een of andere reden het voordeel van de twijfel: een 5,5. En daar was ik blij mee, niet in het minst vanwege het uiterst hoge rendement van mijn inzet.

De beste eindexamenvraag kreeg ik tijdens het mondeling van mijn - dat mocht toen nog - homofiele leraar aardrijkskunde, Coster. Mijn werkstuk ging over Suriname en een van de vragen die ik moest beantwoorden was met wie meneer Coster het liefst naar bed zou gaan: Bouterse of Brunswijk. Daarop wist ik het antwoord natuurlijk direct!
De leraar geschiedenis rookte trouwens gewoon door tijdens mijn mondeling: ik denk dat LAKS gelijk handen tekort komt om alle klachten überhaupt in behandeling te nemen, mocht zulks anno 2010 nog eens gebeuren. Maar ik ging gewoon licht doorrookt en niet tot enige klacht in staat weg met een 8.

Ik was als eindexamenleerling wel een minimumlijertje. Als ik een studie had gekozen waarvoor een goede lijst verplicht was, dan was ik goed de Sjaak geweest. Gelukkig koos ik anders. Ik had voor wiskunde een zeer nipte 4,5 - afgerond een 5 dus: echt uiterst exact genoeg! Ik heb daarom - of was het vanwege een weddenschap? - wiskundeleraar De Leeuw op zijn mond gezoend tijdens de diploma-uitreiking.

Uiteindelijk ben ik dus zonder al te veel lof met een net-niet-pretpakket geslaagd met een keiharde 6,5. Afgerond is dat toch mooi een 7. En ik heb het niet in mijn hoofd gehaald om te klagen over ditjes en datjes... Want ja: eigen schuld eerst!

maandag 10 mei 2010

WEDERKEER

Uit recent onderzoek is gebleken dat in Engeland de gemiddelde man in zijn leven 45.000 euro kwijt is aan rondjes die hij geeft in de pub. Dat is een fors bedrag. Ik wil niet weten wat ik in de loop der jaren aan drank en andere stimulantia heb uitgegeven. Maar hoe hoog het bedrag ook is, het lijkt me niet meer dan logisch dat er een heel behoorlijk evenwicht is in wat je uitdeelt en wat je krijgt. Er is sprake van wederkerigheid.

Uit de uitzending van In het kielzog van Darwin van afgelopen zondag werd gesteld dat dit soort wederkerigheid typerend is voor de mens, en hem daarin onderscheidt van andere levende wezens. De evolutiebioloog Hauser gaf als het tweede belangrijke verschil tussen mens en dier: de mens kent een moraal. Dit laatste wist hij mooi te illustreren door de opvarenden van de Beagle stellingen voor te leggen hoe zij zouden reageren in verschillende noodsituaties. Bottom line was dat niemand een passagier overboord zou gooien als dit nodig was om van zeven personen die te water waren geraakt het leven te redden.

Interessante theorie van Hauser. Ik vond wel dat die man er heel makkelijk vanaf kwam in de uitzending. Hij kreeg geen een kritische vraag te verwerken. En kritische vragen waren toch vrij eenvoudig te verzinnen. Zowel vanuit de perspectief van het dier als vanuit het perspectief van de mens, en zowel vanuit het oogpunt van de moraliteit als van de wederkerigheid. Ik neem aan dat de goede man zelf wel eerder tegenwerpingen heeft gekregen. Maar ach, waarom zou ik ze niet even voor hem opschrijven. Alhoewel de kans klein is dat hij mijn in het Nederlands gestelde epistel leest.

Wat betreft de moraal is het wel duidelijk hoe het zit: inderdaad, eerst het vreten! Ja, iedereen kan een waarachtig moraalridder zijn als er geen vuiltje aan de lucht is, de akkers vol staan met ruischend graan en de vissen spontaan uit het water op de barbecue springen. Maar dat is nu eenmaal zelden zo. En dan komt de moraal alras onder druk. Ik heb denk ik geen voorbeelden nodig om dit te illustreren.

Wat betreft wederkerigheid lijkt het er vooral om te gaan tegenover wie je wederkerig bent. Je mocht best honderduizenden negers tot slaaf maken, want die telden blijkbaar niet mee als soortgenoten, laat staan als gelijkwaardig. Naar een andere soort toe hoef je blijkbaar geen wederkerigheid in acht te nemen, en ook geen moraal. Of de moraal van geen moraal.

In sommige samenlevingen hebben zich in de loop der eeuwen hele vreemde systemen van wederkerigheid ontwikkeld. Die komen vaak neer op uitbuiting van de Zwakkeren en leiden volgens sommige theoretici uiteindelijk onherroepelijk tot Verelendung. Gelukkig konden de Uitbuiters zelf bepalen wat goed was en wat niet: als je poen hebt bepaal je de moraal.
Overigens wordt in veel culturen jouw bijdrage in de balans van de wederkerigheid vaak pas uitbetaald na je dood. Dat in sommige culturen zo gegeild wordt op maagden in het hiernamaals heb ik nooit zo begrepen, maar het hele idee van een Hemel is toch een prachtige uitvinding. Ook als stof zijt gij wederkerig.

Wederkerigheid is ook in de aankomende verkiezingen een belangrijk punt. Dat heet dan solidariteit, die bijvoorbeeld nodig is om ons prachtige sociale zorgsysteem draaiend te houden. Populistische partijen proberen een wij-zij-erige invulling van wederkerigheid uit te venten. En zo berijdt elke partij zijn eigen stokpaard.

Volgens mij werkt moraal het beste op zeer kleine schaal: die van de familie, en daar nog lang niet altijd. Er zijn ook mondiale representaties van. De gevers en de nemers in de geglobaliseerde wereld van de Wederkerigheid zijn tegenwoordig respectievelijk de minder bedeelden op deze Aarde en de rijke westerlingen, die uit puur altruïsme een lot uit de Postcodeloterij kopen. Jij een kans, zij een kans!

Even naar de dierenwereld dan maar. Ik weet wel voorbeelden (in ieder geval een) van wederkerigheid in het dierenrijk. Onder chimpansees komt een vorm van prostitutie voor, waarbij de vrouwtjes mannetjes bevredigen in ruil voor eten. En het gaat hierbij om vormen van seks die niet tot nageslacht leiden, dus evolutionair heb je er geen bal aan. Ach ja, een beetje beetje jeuk aan je snikkel en een vingerhoedje vol stijfsel ruilen tegen wat lekkere hapjes, hoe wederkerig kun je gaan?

Wederkerigheid en moraal: ik vind het prachtige principes en zou trots zijn op Nederland en de mensheid in het algemeen als wij ons er iets aan gelegen zouden laten liggen. Al was het maar om ons te onderscheiden van de Beesten. Volgend jaar maar weer eens opnieuw proberen, bij wijze van goed voornemen?

donderdag 6 mei 2010

BEVRIJD ONS VAN DE ANGST

Ook dit jaar ben ik weer naar de Dodenherdenking op het Domplein geweest en de dag er na naar het Bevrijdingsfestival in Utrecht. Dodenherdenking is altijd mooi om bij te zijn. Een stille tocht en twee minuten stilte met zo'n grote groep mensen: het blijft indrukwekkend. Het verwondert me altijd dat iedereen - ook het gewone publiek - zich zo netjes gedraagt tijdens de herdenking. Als het woord niet zo ontzettend gedevalueerd zou zijn, zou je bijna spreken van respect.

Gelukkig begon in Utrecht niet - zoals in Amsterdam - een gek tijdens de stilte te schreeuwen. Wat is toch die angst die de aanwezigen er toe beweegt om bij een schreeuw als een kudde op hol geslagen bizons elkaar onder de voet te lopen? Wat een angstig en benepen volkje begint dat Nederland te worden. De reacties die ik heb gezien gingen alweer richting oplossingen: geen ouderwetse dranghekken maar van die anti-kantelhekken die bij festivals gebruikt worden. Het blijft toch bijzonder: bij Koninginnedag rijdt een gek het publiek in en het jaar er op worden er zandzakken gelegd zodat dat niet meer kan. Alsof wij ons kunnen verzekeren tegen dit soort risico's. Een beetje een innovatieve gek verzint echt wel wat nieuws als hij zijn hersenkronkelige punt wil maken.

Ook bij het Bevrijdingsfestival vierde het veiligheidsfascisme hoogtij. Dat was voor het eerst. Voorheen kon je overal Park Transwijk in en je eigen eten en drinken meenemen. Ik kan me voorstellen dat de schoonmaakkosten dan hoog zijn (doe zoals bij Parkpop: een rijksdaalder voor iedere gevulde vuilniszak). Maar de belangrijkste reden om over te gaan tot toegangscontroles is natuurlijk de veiligheid.

Het festivalterrein is flink in omvang teruggebracht en volledig omgeven door hekken. Ikzelf doe er 20 minuten over om met het juiste polsbandje het terrein op te komen. En dan ben ik nog beëdigd vrijwilliger die ver voordat het festival begint aanwezig moet zijn. De ingangscontrole - je mag geen flessen meenemen - leidt tot enorme wachtrijen en wachttijden. En ja, al snel is het terrein vol.

Ik heb mensen door het water zien waden om het terrein op te komen: heel goed! Ook was er net buiten de hekken een gigantische picknick op gang gekomen van mensen die niet het terrein op konden, of hun eigen meegebrachte drank en voer niet mee naar binnen mochten nemen. Ik hoop dat ze er een flinke rotzooi van hebben gemaakt.

Ach, het blijft pappen en nathouden en dweilen met de kraan open, zoals de veiligheid in Nederland wordt aangepakt. Als je van een suggestie van veiligheid echte veiligheid wil maken heb ik nog wel wat tips.
  • Zorg voor een uitgebreid psychologisch en antecedentenonderzoek voor alle aanwezigen op alle publieke evenementen. Denk Duyvis-stempel 'oké'.
  • Drugs- en alcoholcontrole voor alle potentiële bezoekers. Positief: 10 jaar geen toegang. Op het festivalterrein zijn drugs en drank uiteraard niet verkrijgbaar.
  • Zorg er voor dat naast elke festivalganger een verklikker staat: dat geeft een veilig gevoelen maakt van iedere staat een heilstaat.
  • Schenk gratis water met een lichte dosis valium er in.
  • Laat de bevolking vooral naar festivals en dergelijke gaan, want de meeste ongelukken gebeuren nog steeds thuis!
Kijk, dan krijg je veiligheid! Tot die tijd moeten we ons maar behelpen met een lapmiddel of drie.